About us Contact us
28th of June 2017
   
Home arrow Business License arrow Regulations
Regulation

Intitulé   : LANDSBESLUIT van 19 juli 1990 no. 55, bepalende de opneming in de afzonderlijke afdeling van het Afkondigingsblad van Aruba van de geldende tekst van de Vestigingsverordening bedrijven
Citeertitel: Vestigingsverordening bedrijven
Vindplaats : AB 1990 no. GT 55
Wijzigingen: AB 1997 nos. 33, 34          AB 2008 no. 63

====================================================================

Artikel 1
  1. Onder zaak verstaat deze landsverordening en de ter uitvoering daarvan uitgevaardigde landsbesluiten, elke onderneming, niet zijnde een Aruba vrijgestelde vennootschap, waarin enig bedrijf, door wie ook, wordt uitgeoefend.
  2. Naamloze vennootschappen, vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, Aruba vrijgestelde vennootschappen, bestuurders van naamloze vennootschappen, coöperatieve verenigingen, importeurs, agenten, tusenhandelaars, alsmede vennoten van een vennootschap onder een firma en van een vennootschap en commandite, met uitzondering evenwel van de commanditaire vennoot, worden steeds geacht een zaak in de zin van deze landsverordening te drijven.
  3. Filialen, bijkantoren en andere nederzettingen van zaken worden ten aanzien van de bepalingen van deze landsverordening als afzonderlijke zaken beschouwd.
  4. Een zaak wordt gevestigd, wanneer het bedrijf ten aanzien van het publiek aanvangt.
Artikel 2
Het is verboden:
a.   een zaak te vestigen en te drijven of te doen drijven;
b.   een zaak te doen vestigen en te drijven of te doen drijven;
c.   een zaak over te nemen en te drijven of te doen drijven;
d.   een zaak te doen overnemen en te drijven of te doen drijven;
e.   een zaak voort te zetten of te doen voortzetten;
f.    een zaak ten aanzien van het publiek te verplaatsen;
g.   een zaak van aard te wijzigen,
zonder een daartoe strekkende vergunning van de minister van Economische Zaken.

Artikel 3

Geen vergunning is vereist voor één of meer van bovengenoemde handelingen ten aanzien van zaken:
a. toebehorende aan publiekrechtelijke lichamen;
b. welke uitsluitend uitgeoefend worden in of op openbare markten of als straatventerij op de openbare weg;
c. waarbij het bedrijf van land-, tuinbouw, veeteelt of visserij uitgeoefend wordt, al of niet samengaande met de verkoop van de produkten in dat bedrijf voortgebracht, gewonnen of gevangen;
d. toebehorende aan ambachtslieden, tenzij deze uitgeoefend worden met meer arbeiders dan voor elk bedrijf door de minister van Economische Zaken bij ministeriële regeling zal worden bepaald;
e. toebehorende aan kleine handelslieden, die bij ministeriële regeling van de minister van Economische Zaken daarvan zijn vrijgesteld.

Artikel 4
  1. Het verzoekschrift tot het verkrijgen van een vergunning, houdt zoveel mogelijk en zo nauwkeurig mogelijk in, de opgaven, vermeld in de artikelen 5 tot en met 12 van de Handelsregisterverordening.
  2. Indien inlichtingen in het buitenland moeten worden ingewonnen, komen de daarop vallende kosten ten laste van de aanvrager van de vergunning en is deze desverlangd verplicht tot dat einde het bedrag van Afl. 15,- voor te schieten.
Artikel 5
De vergunning kan worden geweigerd in het algemeen belang en, in overeenstemming met de minister van Algemene Zaken, eveneens in het belang van de openbare orde en de publieke rust.

Artikel 6
Bij het verlenen van een vergunning is de minister van Economische Zaken bevoegd, daaraan voorwaarden te verbinden, betreffende de aard en de plaats van de zaak, alsmede betreffende de kredietwaardigheid van de aanvrager en de financiering van de zaak.

Artikel 7
1. De vergunning kan door hem die haar verleende worden ingetrokken:
a. in het belang van de openbare orde en de publieke rust;
b. indien de persoon of personen, aan wie de vergunning is verleend, niet kan (kunnen) aantonen, dat de voor de vergunning gestelde voorwaarden worden nageleefd;
c. indien zij verkregen werd door het opzettelijk verschaffen van een onjuiste of onvolledige opgaaf, zoals bedoeld in artikel 4;
d. indien gedurende drie achtereenvolgende maanden of langer de vergunninghouder zijn zaak voor het publiek heeft gesloten;
e. indien de persoon of personen aan wie deze is verleend zich in het buitenland vestigt(en). Een afwezigheid buiten Aruba gedurende een periode van langer dan 12 achtereenvolgende maanden, al dan niet tussentijds onderbroken door een tijdelijk verblijf binnen Aruba van korter dan twee maanden, heft van rechtswege de vergunning op.

2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, kan de vergunning worden ingetrokken van een naamloze vennootschap die het bestuur voert over of fungeert als wettelijk vertegenwoordiger van een Aruba vrijgestelde vennootschap, welker handelingen of bestaan naar het oordeel van de minister van Economische Zaken in strijd zijn met het algemeen belang van Aruba.

3. Een intrekking, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, geschiedt slechts in overeenstemming met de minister van Algemene Zaken.

4. Behoudens in gevallen waarbij de vergunning werd verkregen door opzettelijk onjuiste of onvolledig verschafte gegevens, in welk geval intrekking van de vergunning direct plaats kan vinden, zal de bevoegde autoriteit aan de intrekking der vergunning een redelijke termijn verbinden waarbinnen de vergunninghouder zijn zaak zal kunnen liquideren. Na het verstrijken van deze termijn wordt de betrokken persoon niet geacht in het bezit van een vergunning te zijn.

 Artikel 8
  1. Verlening, weigering of intrekking van een vergunning, heeft niet plaats, dan nadat de Kamer van Koophandel en Nijverheid daarop is gehoord. De Kamer van Koophandel en Nijverheid is alsdan verplicht het advies zo spoedig mogelijk te verstrekken.
  2. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op de verlening, wijziging of intrekking van vergunningen voor zover deze slechts betrekking hebben op het besturen van c.q. het fungeren als wettelijk vertegenwoordiger van Aruba vrijgestelde vennootschappen.
Artikel 9
De Kamer van Koophandel en Nijverheid wordt aangemerkt als belanghebbende in de zin van de Landsverordening administratieve rechtspraak (AB 1993 no. 45).
Artikel 9a
1.  Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze landsverordening bepaalde zijn belast de daartoe bij landsbesluit aangewezen ambtenaren. Een zodanig landsbesluit wordt bekendgemaakt in de Landscourant van Aruba.

2. De krachtens het eerste lid aangewezen ambtenaren zijn, uitsluitend voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijze noodzakelijk is, bevoegd van degene die een vergunning behoeft of verkrijgt:
a. alle inlichtingen te vragen;
b. inzage te verlangen van alle zakelijke boeken, bescheiden en andere informatiedragers en daarvan afschrift te nemen of deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
c. goederen aan opneming en onderzoek te onderwerpen en deze daartoe tijdelijk mee te nemen;
d. alle plaatsen, met uitzondering van woningen zonder de uitdrukkelijke toestemming van de bewoner, te betreden, vergezeld van door hen aangewezen personen.

3. Zo nodig, wordt de toegang tot een plaats als bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, verschaft met behulp van de sterke arm.

4. Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, worden regels gesteld met betrekking tot de wijze van taakuitoefening van de krachtens het eerste lid aangewezen ambtenaren.

5. Een ieder is verplicht aan de krachtens het eerste lid aangewezen ambtenaren alle medewerking te verlenen, die op grond van het tweede lid wordt gevorderd.


Artikel 10
  1. Met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van ten hoogste vijfhonderd florin wordt gestraft hij die het verbod, gesteld bij artikel 2, overtreedt.
  2. Indien tijdens het plegen van het feit nog geen twee jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige wegens een overtreding van een of meer bepalingen van deze landsverordening onherroepelijk is geworden, kan hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van ten hoogste duizend florin worden opgelegd.
  3. Met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste tweeduizend florin wordt gestraft hij die opzettelijk een onjuiste of onvolledige opgaaf doet ter verkrijging van een vergunning als bedoeld in artikel 2.
  4. De feiten, strafbaar gesteld in dit artikel, worden beschouwd als misdrijven.

Artikel 11 t/m 13
(vervallen)

Artikel 14
Bij ministeriële regeling van de minister van Economische Zaken kunnen verdere regelen in het belang van een goede uitvoering van deze landsverordening worden gegeven.

Artikel 15
De minister van Economische Zaken doet een zaak sluiten, welke zonder vergunning gedreven wordt.

Artikel 16
Het bepaalde in artikel 2, onderdeel e, is niet van toepassing ten aanzien van zaken die bij het inwerkingtreden van deze landsverordening wettelijk werden gedreven; voor deze zaken wordt zonder dat zij een vergunning behoeven aan te vragen, door de autoriteit aangewezen in artikel 2 een vergunning als daar bedoeld, uitgereikt.

Artikel 17
 Deze landsverordening is niet van toepassing op de in Aruba geboren Nederlanders, die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.

Artikel 18
Deze landsverordening kan worden aangehaald als Vestigingsverordening bedrijven.



 

Vestigingsverordening bedrijven

  Legesbesluit DEZHI(verlaging leges) 2010.pdf